Terug naar Homepage

Ik ben…..

Castlemania’s Oui-Doume-Ouat, een achtjarige abessijnse (wildkleur somali-variant).

Zo staat het op mijn stamboom, ik kan het zelf nauwelijks uitspreken zodat ik als roepnaam Bodie heb en daar wil ik wel naar luisteren,

vooral als het eten geserveerd wordt!

Van mijn verleden weet ik niet zoveel, geboren bij de Castlemania’s residence.

Opgegroeid en ergens ging het toen mis, ik heb het daarom waarschijnlijk ook uit mijn geheugen gewist.

Het schijnt dat ik onzindelijk ben geworden en na wat verhuizingen kwam ik weer terug in de Castlemania’s residence.

Inmiddels waren daar alweer meer inwoners en ik kon in de grote groep niet zo aarden.

Maar toch werd ik liefdevol opgenomen en weer rust gegund en kreeg gezelschap van de huis tuin en keuken kat.

Samen hebben we bijna een jaar op de slaapkamer gewoond.

S’avonds kregen we veel knuffels en mochten we, als we dat wenste, onder de dekens slapen.

Toen op een dag kwam er een dame langs die een somali kitten wilde uitzoeken. Zij werd rondgeleid en zodoende kon ze ook een blik op mij werpen.

Blijkbaar heb ik indruk gemaakt en was ze me niet vergeten. Na het eerste bezoek volgde nog een tweede bezoek en toen was het bijna zover het kitten kon naar haar huis gebracht worden.

Bij haar thuis woonde nog een oude htk-kat van achttien jaar, helaas werd zij plotseling erg ziek en overleed vlak voor het arriveren van het kitten.

De dame miste haar erg, ze had altijd drie katten gehad en nu was had ze het plan om bij de oude poes twee kittens te nemen.

Het abessijn kitten was al een maand eerder in huis gekomen en nu was het wachten op het somali kitten.

Ze kreeg opeens een idee zal ze toch om weer op drie katten uit te komen die variant, die op een goed huis zat te wachten, erbij nemen?

Maar ja een onzindelijke poes, daar begin je niet zomaar aan. Er werd overlegd met de fokkers, als ze het wilde proberen met mij en het toch fout mocht gaan,

dan mocht ze mij altijd weer terug brengen. Dat was een geruststelling, dus ik mocht ook komen! Ik maakte in de komende twee weken alvast kennis met het kitten,

die af en toe op de slaapkamer werd binnen gelaten.

Toen was het zover. Op een zaterdag in januari werden we in de manden gestopt, een autoritje volgde en toen werden we losgelaten in onze nieuwe huis.

Ik vond het in het begin maar niks en was erg op mijn hoede. Veel heb ik op de zolder gezeten en langzaam aan voelde ik me meer op mijn gemak.

De twee kleine kittens hadden elkaar al snel gevonden en gingen spelend en rollenbollend door het huis.

Ze lieten mij aardig met rust. Ik ben meteen braaf op de bak gegaan, en kwam steeds meer naar beneden.

Behalve als er bezoek kwam, dan snelde ik de trappen op en ging op een veilig plekje zitten.

Het heeft even geduurd maar na een paar maanden voelde ik me helemaal thuis.

Nu speel ik weer als vanouds, het liefst achter touwtjes aan.

Ik klim weer op de kasten en deuren en bezoek vaak het hoogste punt: op de cv ketel!

Ook breek ik zo nu en dan de kledingkast in om de truien weer even recht te leggen…. Ahum…. niet dus..

Met de inmiddels al uit de kluiten gewassen somali, Floris genaamd, heb ik af en toe een knuffelmoment.

Hij komt dan lekker tegen mij aangekropen en likt me suf.

De abessijn, Purdy, accepteert mij maar zoekt me niet echt op.

Ik ben denk ik toch een beetje te min voor haar, geen echte abessijn en ook nog is met een foutje (klein wit medaillon).

Het vrouwtje is een echte lieverd en haalt me veel aan, vaak kruip ik bij haar op schoot en s’avonds lig ik aan haar voeten. Ze noemt me altijd liefkozend, Bootje mijn cadeautje!

Zo zie je maar uiteindelijk vindt iedereen toch zijn plekje. Dus aan alle katten/poezen die op een huis zitten te wachten, houdt vol, jouw tijd komt ook nog wel.

Knuffel en kopje van Bodie.

Terug naar Homepage